Distributiebedrijf Katoennatie Waaslandhaven StoraEnso Zeebrugge Phenolchemie Doel
Werkgelegenheid in de zeehavens
De directe werkgelegenheid wordt berekend als het aantal werknemers bij de verschillende ondernemingen en overheden op de afsluitdatum van het boekjaar. Hierin zijn de traditionele havenarbeiders begrepen. Analoog als de toegevoegde waarde wordt er door de NBB jaarlijks een indirecte werkgelegenheid geraamd
Katoennatie Distributie Waaslandhaven Wachtplaats Demeysluis Oostende Melselebrug Kallo

De levenstandaard en het welzijn van een bevolking is afhankelijk van de beschikbaarheid van werkgelegenheid. Zonder inkomsten kunnen door de burgers geen eigendommen, goederen en consumptiegoederen aanwerven, maar kunnen ook hoe negatief dit ook klinkt op het eerste zicht geen belastingen geheven worden op arbeid. Zonder werkgelegenheid in de primaire (landbouw), secundaire (industrie) en tertiaire (diensten)sector kan men bij gebrek aan overheidsinkomsten geen bestedingen doen in de cultuursector, verzorgingssector, onderwijs, voor algemeen nut (wegen, infrastructuur, uitrustingen), in de sociale sector en ook niet te vergeten in de leefmilieusector en voor natuurontwikkeling.
Werkgelegenheid, arbeid, mobiliteit, is dus een primaire behoefte waaraan sommige actoren voorbijgaan, zonder te beseffen dat hun doelstellingen niet kunnen gerealiseerd worden indien o.a. geen arbeid in de havens zou plaatsvinden.

naar top

Buildrager Antwerpen North sea ferries Zeebrugge ( P&O)

Werkgelegenheid in de havens is niet alleen havenarbeid. Het aantal traditionele havenarbeiders bedroeg in 2014 ongeveer 9.785 VTE (Antwerpen 7.908, Gent 552, Zeebrugge 1.854 en Oostende 22). De directe werkgelegenheid in de Vlaamse havens bedroeg in 2014 ca 104.512 VTE. of 10,68 maal meer (Zie Jaarverslagen van de Vlaamse Havencommissie VHC. onder het item Sociaaleconomisch belang: Werkgelegenheid). Deze werkgelegenheid in de Vlaamse havens is sinds jaren quasi een constante, eerder afnemend, ongeacht de toename van het Vlaamse zeegoederenverkeer met ca 67 % sinds 1990. De oorzaak hiervan ligt in de hogere productiviteit die vooral via het behandelen van containers kan worden bereikt, maar ook in het verplaatsen naar havenactiviteiten (logistiek) naar zones die in de onmiddellijke rand van de haven gelegen zijn.

Voor de vier havens schommelt de voorbije jaren de werkgelegenheid op en neer met op termijn een lichte afname. Globaal blijft het relatieve aandeel van Antwerpen op ca 60 % en voor Gent op ca 27 %.

De tabel hieronder geeft het verloop van de directe en indirecte werkgelegenheid weer sinds 1997.

De totale werkgelegenheid, die zowel de directe als de indirecte werkgelegenheid omvat, dus ook de personeelsaantallen bij de leveranciers van de voor deze NBB studie geselecteerde ondernemingen, bedroeg meer dan 238.245 VTE in 2014. Dit cijfer houdt rekening met alle niveaus van onderaanneming die voorafgaan aan de direct gerealiseerde activiteit in de havengebieden.

Samen vertegenwoordigden in 2014 de vier havens, rekening houdend met de indirecte effecten, ca 9,8 pct. van de binnenlandse werkgelegenheid in Vlaanderen en 6,3 pct. van de Belgische binnenlandse werkgelegenheid.

Identiek als gold voor de toegevoegde waarde geldt voor de werkgelegenheid dezelfde nodige voorzichtigheid naar vergelijking totale maritieme en niet maritieme werkgelegenheid versus zeegoederenverkeer in de haven

W Vlaanderen 2014
NYK WaaslandhavenStoraEnso Zeebrugge

Een overzicht van de directe werkgelegenheid in de Vlaamse zeehavens en het relatief belang van elk (maritieme bedrijven, niet-maritieme bedrijven en de overheden) is weer te vinden op volgende excelbestanden:

naar top

Laatst bijgewerkt : Augustus 20, 2016
 
<